FR

Ambulante opvolging

Onderzoeken en raadplegingen die door BELTA-TBnet ten laste kunnen genomen worden tijdens de opvolging van tuberculosepatiënten

 
Niet-multiresistente patiënt
Multiresistente patiënt
Sputum rechtstreeksNa 2 maand en op einde behandelingTot 4x tijdens ambulante periode
Sputum cultuur
Na 2 maand en op einde behandeling
Tot 4x tijdens ambulante periode
Sputum antibiogram1x indien negatieve evolutie1x indien negatieve evolutie
Klinische biologie ¹2x tijdens ambulante periodeTot 10x tijdens ambulante periode
Radiografie thorax2 tot 3x tijdens ambulante periode + controle 6 maand na einde behandelingTot 9x tijdens ambulante periode + controle 6 maand na einde behandeling
Bijkomende beeldvorming
Te bespreken met coördinatie BELTA-TBnet
Raadpleging
Maandelijks (mag minder) + controle 6 maand na einde behandeling
Consultatie ophthalmo
(kleurenzicht)
Enkel indien klachten.
(Regelmatig na te gaan door arts die instaat voor opvolging TB)
Consultatie ORL (audiogram)
 ____
2x tijdens ambulante periode indien behandeld met amikacine of capreomycine
¹ Rode bloedcellen; Witte bloedcellen; Hemoglobine; Hematocriet; Formule; Thrombocyten
Sedimentatiesnelheid; C reactive protein
Bilirubine totaal; Bilirubine direct; SGOT; SGPT; γGT; Alkalische fosfatasen
Ureum; Creatinine; Urinezuur
T3; T4; TSH (Enkel in geval van prothionamidetoediening)